https://overholland.ac/index.php/overholland/issue/feed OverHolland 2021-06-30T14:44:56+02:00 Frank van der Hoeven info@openaccess.ac Open Journal Systems <p>OverHolland onderzoekt de samenhang tussen&nbsp;architectonische interventies en stedelijke transformatie, waarbij de Hollandse stad centraal staat.</p> https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/240 Legenda 2021-06-30T13:10:46+02:00 De redactie info@knob.nl <p>Legenda bij het artikel&nbsp;<em>Watersysteem in Holland. Een verkenning in kaartbeelden: 1575, 1680, 1900 en 2015</em></p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 The editors https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/234 Redactioneel 2021-06-29T16:37:45+02:00 De redactie info@knob.nl <p>Deze aflevering van <em>OverHolland</em> gaat over de waterhuishouding in het gebied van de Randstad Holland, het gebied tussen de Maas en het IJ, de duinen langs de Noordzee en de Utrechtse Heuvelrug. Aanleiding daartoe is een unieke, vierbladige kaart, schaal 1: 50.000, die in 1901 van de pers rolde: de <em>Polderkaart van de landen tusschen Maas en IJ</em>, vervaardigd door Willem Hendricus Hoekwater (1865-1956), onderwijzer te Amsterdam. Nooit eerder was er een compleet overzicht gemaakt van het watersysteem in dit gebied, dat vrijwel geheel onder de zeespiegel ligt en als de motor van de Nederlandse economie wordt beschouwd. Het is het meest verstedelijkte en dichtst bevolkte deel van het land. De kaart van Hoekwater laat zien uit welke waterstaatkundige eenheden het gebied bestond en hoe die eenheden uitboezemden op de buitenwateren. Ook grafisch is de kaart opmerkelijk. Via gradaties in de kleuren van de verschillende boezemgebieden is de loop van het water naar de uitwateringspunten te volgen.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 The Editors Krabbe https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/226 Stijgend water, zinkende steden 2021-06-29T12:03:16+02:00 Han Meyer info@knob.nl <p>Hoge waterstanden in steden in kust- en deltagebieden leiden sinds de laatste eeuwwisseling tot steeds meer problemen. Niet alleen veel steden in de ‘Global South’, met gebrekkige voorzieningen om zich tegen hoge waterstanden te verdedigen, kampen met toenemende overstromingen. Ook relatief rijke steden in Europa en de Verenigde Staten hebben alle redenen zich zorgen te maken, met de gevolgen van de orkaan Katrina voor New Orleans (2005) en Sandy voor New York (2013) nog vers in het geheugen. In Europa werd recent, in november 2019, de Grande Dame van steden in en aan het water, Venetië getroffen door het ernstigste acqua alta (hoogwater) sinds 1966. Grote delen van de stad stonden langere tijd onder water, met grote gevolgen voor de vele kunstschatten en monumenten, maar ook voor de economie, het welzijn en de bewoonbaarheid van de stad.<br />Enkele maanden later, in februari 2020, moesten in Nederland, door sommigen ‘de veiligste delta ter wereld’ genoemd, alle zeilen worden bijgezet om een combinatie van hoge waterafvoer door de rivieren en springtij op zee het hoofd te kunnen bieden. De vele rivierbedverbredingen die in de periode 2005-2015 zijn gerealiseerd in het kader van het nationale programma ‘Ruimte voor de Rivier’ konden nu voor het eerst hun nut bewijzen.<br />Grote delen van het rivierengebied, normaal in gebruik voor akkerbouw en veeteelt of als natuurgebied, werden gecontroleerd onder water gezet, waardoor overstromingen van steden langs de rivieren werden voorkomen. Dit procedé bleek overal in het rivierengebied succesvol te werken – behalve in de regio Rotterdam, die buiten het programma ‘Ruimte voor de Rivier’ viel en geen voorzieningen kent voor tijdelijke rivierbedverbreding.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Han Meyer https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/227 Watersysteem en stadsvorm in Holland 2021-06-29T13:37:04+02:00 Jaap Evert Abrahamse info@knob.nl Menne Kosian info@knob.nl Reinout Rutte info@knob.nl Otto Diesfeldt info@knob.nl Iskandar Pané info@knob.nl Yvonne van Mil info@knob.nl Thomas van den Brink info@knob.nl Arnoud de Waaijer info@knob.nl <p>In 1901 verscheen de <em>Polderkaart van de landen tusschen Maas en IJ</em> in druk. Deze monumentale gekleurde wandkaart was vervaardigd door W.H. Hoekwater, afkomstig uit Charlois, van beroep onderwijzer. De kaart had een educatief doel: Hoekwater wilde laten zien hoezeer laag Nederland ‘een eigenaardig land’ was, aangelegd en in stand gehouden door ‘wilskracht en genie der vroegere en tegenwoordige bewoners’. In zijn toelichting geeft Hoekwater een korte technische inleiding, maar vooral een opsomming en beschrijving van de boezemsystemen en bijbehorende kunstwerken, met tabellen van de verschillende waterstanden. Hoekwater had twee versies van zijn toelichting laten drukken, één voor gemeente-, polder- en waterschapsbesturen en één voor scholieren.<br />Op zijn kaart liet Hoekwater onder meer zien uit welke waterstaatkundige eenheden het gebied tussen Maas en IJ bestond en hoe die eenheden uitboezemden op de uitenwateren. Hoekwater had de kaart op eigen initiatief getekend, zonder opdracht van een hoogheemraadschap of enige andere organisatie. Sinds de zestiende eeuw zijn van diverse hoogheemraadschappen grote wandkaarten gemaakt in opdracht van de colleges van dijkgraaf en heemraden. Die oudere kaarten tonen het grondgebied van het betreffende hoogheemraadschap met de daarin gelegen waterlopen en de belangrijkste kunstwerken die het in beheer had. Geen van die kaarten overstijgt het schaalniveau van een enkel hoogheemraadschap. Maar de kaart van Hoekwater is niet alleen vanwege zijn schaal een uniek document. Hoekwater laat het complete watersysteem en het functioneren ervan zien op een innovatieve manier. Via de kleurschakeringen op de kaart is de loop van het water te volgen. </p> <p><strong><br />Erratum</strong></p> <p>Rowin van Lanen is abusievelijk niet vermeld als auteur van ‘Watersysteem en stadsvorm in Holland’.</p> <p>Noot 1 op pagina 47 moet luiden: Dit onderzoek was een samenwerking tussen de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de Faculteit Bouwkunde van de Technische Universiteit Delft. De teksten zijn geschreven door Jaap Evert Abrahamse, Menne Kosian en Reinout Rutte; deze dienen als toelichting bij de kaarten, die werden samengesteld door Otto Diesfeldt en Iskandar Pané op basis van een historisch GIS dat werd gemaakt door Menne Kosian en Rowin van Lanen, en onder leiding van Yvonne van Mil uitgebreid door Thomas van den Brink en Arnoud de Waaier. Het schrijven van deze tekst was niet mogelijk geweest zonder de medewerking van Guus J. Borger, die een eerdere versie van kritisch commentaar voorzag, waarvan dankbaar gebruik is gemaakt.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Jaap Evert Abrahamse, Menne Kosian, Reinout Rutte, Otto Diesfeldt, Iskandar Pané, Yvonne van Mil, Thomas van den Brink, Arnoud de Waaijer https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/229 Watersysteem en stadsvorm in Holland 2021-06-29T14:22:07+02:00 Otto Diesfeldt info@knob.nl Iskandar Pané info@knob.nl <p>Wij beschouwen een (kaart)beeld als wetenschappelijke output mits deze gepaard gaat met een onderbouwing en toelichting. In het onderzoek ‘Watersysteem en stadvorm in Holland. Een verkenning in kaartbeelden: 1575, 1680, 1900 en 2015’ zijn overlappende en aanvullende methodieken en expertises van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE) en de Faculteit Bouwkunde van de Technische Universiteit Delft (TUD) samengebracht. Beide instituten hebben veel ervaring met het gebruik van kaarten, zowel wat het onderzoek zelf betreft als bij het vastleggen van onderzoeksresultaten. Hiervoor worden (Historisch) Geografische Informatie Systemen gebruikt met een onderling vergelijkbare methodiek van notatie en verificatie.<br />Het omvangrijke, door de RCE opgebouwde Historisch Geografisch Informatie Systeem (HGIS) van het watersysteem in westelijk Nederland is het vertrekpunt geweest voor dit kaartonderzoek. Dit onderzoek heeft tot doel om de essentie van de data en kennis van het watersysteem uit deze database te ontsluiten en in samenhang te brengen met onderzoek naar de verstedelijking in deze regio. Volgens de Delftse cartografische methode is een overzichtelijke en specifieke kaartenreeks vormgegeven die in deze publicatie te zien is naast een geschreven toelichting bij de fenomenen die op de kaarten worden getoond. In dit artikel gaan we nader in op de gehanteerde methode, de gekozen peiljaren en volgt per kaartenreeks een compacte lees- en kijkwijzer met een beschrijving van de gehanteerde bronnen en bewerkingen.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Otto Diesfeldt, Iskandar Pané https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/230 Kaarten en Nederlandse Waterstaatsgeschiedenis 2021-06-29T14:39:54+02:00 Maurits Ertsen info@knob.nl <p>De in 2019 verschenen publicatie <em>Broek en Waterland.</em><em> Regionale samenwerking en conflicten, 1281-1811</em> maakt door een gedetailleerde weergave van discussies tussen de Waterlanders, de baljuw en Amsterdam duidelijk dat Broek in Waterland en de collega-dorpen continu bezig waren met het realiseren van invloed en het behalen van doelen door onderhandelingen. Tevens blijkt uit het boek dat de materiële omgeving die het gevolg was van de onderhandelingen ook de nodige invloed uitoefende op die onderhandelingen. De invloed van menselijke betrokkenen werd gerealiseerd via niet-menselijke historische actoren, zoals geld, hout of aarde – met uiteraard het water in een grote rol. De waterinfrastructuur van de regio was een belangrijke drager van de macht die dorpen en steden konden ontwikkelen. De macht van het waterschap bleek relatief te zijn, omdat het waterschap slechts een van de invloedrijke bestuursapparaten was. Bestuurlijke functies en rollen in Waterland bleken bovendien goed te combineren, zodat leden van een dorps- of stadsbestuur regelmatig ook in het waterschapsbestuur optraden. Deze verwevenheid van bestuursfuncties problematiseert het te vanzelfsprekende beeld van zelfstandige waterschappen met veel macht en weinig bestuurlijke overlap in de Nederlandse waterstaatsgeschiedenis.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Maurits Ertsen https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/231 Het Nederlandse waterlandschap: een vernuftig historisch systeem met lessen voor de toekomst 2021-06-29T14:51:33+02:00 Carola Hein info@knob.nl <p>‘Je kunt niet twee keer in dezelfde rivier stappen, want het is steeds ander water dat op je toestroomt’ is een vermeende uitspraak van de Griekse filosoof Heraclitus. En geheel in lijn daarmee dient elk onderzoek naar watersystemen het constant in beweging zijn als een wezenlijk onderdeel ervan te beschouwen. Wie Nederland bestudeert met water als uitgangspunt kan dan ook niet om die voortdurende beweging heen. Het polderlandschap<br />is ondenkbaar zonder de dijken en dammen die de natuurlijke loop van rivieren en de gegraven kanalen in toom houden. In de regel wordt water op kaarten afgebeeld als een blauwe lijn, wat een statische indruk maakt, maar in feite is het water voortdurend in beweging. Op de analytische kaarten in ‘Watersysteem en stadsvorm in Holland. Een verkenning in kaarten: 1575, 1680, 1900 en 2015’ is ernaar gestreefd om het begrip van water als iets statisch te ondervangen door nadruk te leggen op stromingen en verbindingen en door met pijlen de complexiteit van afwateringen en kanaalstelsels inzichtelijk te maken. Een dergelijke ruimtelijke indeling, zeg maar waterlandschap, vraagt om zorgvuldig waterbeheer en overleg tussen alle betrokkenen, hetgeen heeft geleid tot een uitgebreide bestuursstructuur die misschien niet altijd even goed begrepen of op waarde geschat wordt.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Carola Hein https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/232 De toekomst van de stedelijke delta 2021-06-29T15:59:19+02:00 Niels Al info@knob.nl <p>De <em>Polderkaart van de landen tusschen Maas en IJ</em> van W.H. Hoekwater (p. 46) laat treffend zien hoe complex en kunstmatig het watersysteem van dit deel van Nederland is rond 1900. Het is het resultaat van eeuwenlang ingrijpen in de delta om de afwatering te verbeteren, de waterveiligheid te vergroten en verdere groei van de welvaart mogelijk te maken. Kenmerkend aan delta’s is dat ze dynamisch zijn: veranderingen in het ‘natuurlijke’ systeem en de maatschappij leiden voortdurend tot aanpassing van het watersysteem. Het artikel ‘Watersysteem en stadsvorm in Holland. Een verkenning in kaartbeelden: 1575, 1680, 1900 en 2015’ zet dat op een heldere wijze uiteen in een historische analyse van de periode 1575–2015. In deze bijdrage bouwen we daarop voort en kijken we vooruit naar de toekomst van de stedelijke delta. Welke opgaven voor de delta komen er op ons af die ons opnieuw dwingen om aanpassingen door te voeren? En wat betekent dat voor de verschijningsvorm van de delta in 2100 en de organisatie van het waterbeheer?</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Niels Al https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/233 Rondom de Rotte 2021-06-29T16:17:50+02:00 Inge Bobbink info@knob.nl Esther Gramsbergen info@knob.nl <p>De inrichting van het Nederlandse landschap moet wederom op de schop. Dit keer niet om de delta door ontginning bewoonbaar te maken of door ruilverkaveling efficënter in te richten voor de landbouw, maar om het land in deze tijd van klimaatverandering en bevolkingsgroei bestendiger en leefbaarder te maken voor mens, flora en fauna. Door zeespiegelstijging, toename van de hoeveelheid neerslag in een korte tijdspanne, droogteperioden in de zomer, voortschrijdende bodemdaling en zoute kwel hopen de watergerelateerde problemen zich op. Aan de basis van de inrichting van laag-Nederland ligt het zogeheten poldeboezemsysteem.<br>Dit watersysteem, gemaakt om het land droog te leggen en te houden, bestaat uit sloten,&nbsp;weteringen, tochten, vaarten, kanalen, grachten, singels, plassen en meren die door tal van waterwerken met elkaar in verbinding staan. Door dijken, dammen, sluizen en gemalen wordt het waterpeil in dit stelsel gecontroleerd en wordt overtollig water via boezems naar de grote rivieren en de zee afgevoerd. De noodzaak om het water continu te beheren en het laagland te bemalen is evident, maar het systeem is niet voldoende om toekomstige problemen het hoofd te bieden.<br>Al aan het einde van de vorige eeuw constateerden waterbouwers dat de gangbare &nbsp;handelwijze van het inzetten van zwaardere pompen, hogere en sterkere dijken en het inlaten van meer water bij droogte niet langer toereikend is. Om voor de nieuwe eeuw een veilig en bruikbaar waterbeheer te kunnen waarborgen, stelde de Commissie Waterbeheer 21e eeuw in 2000 de zogeheten watertrits vast: een driestappenplan dat bestaat uit eerst water vasthouden, dan water bergen en indien nodig water afvoeren. Deze strategie vormt sinds 2003 het uitgangspunt bij elke ruimtelijke opgave.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Inge Bobbink, Esther Gramsbergen https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/236 Tussen traditie en vernieuwing, een ensemble in Le Havre 2021-06-29T16:46:35+02:00 Endry van Velzen info@knob.nl <p>Ik herinner me een foto van een entreeportaal tijdens de bouw. Stemmig zwart-wit. Het heldere licht van Le Havre straalt door de gevelopeningen. De hal is vol met werklieden in wolken van Gitanes en stof, druk doende de toplaag van het in het werk gestorte beton op wanden en plafond af te hameren. Het is een van de entreeportalen in het ensemble van gebouwen dat de zuidkant van de Place de l’Hôtel de Ville begrenst, vlak na de oorlog ontworpen door architect Auguste Perret. Als je nu bij zo’n hal naar binnen gaat en het aangrenzende trappenhuis inloopt, zie je dat de gehamerde vlakken binnen smalle betonnen randen liggen. Deze gladde randen zijn zorgvuldig uitgespaard in het geweld van de pneumatische hamers. Ze vormen lijsten voor de grinderige substantie die door de werklieden aan het oppervlak is gebracht. Dat bewerkte en onbewerkte beton vormt weer lijsten voor bekledingen: kleine geprefabriceerde betonpanelen met een roodachtige toeslag voor de wanden van de hal en mahoniehouten betimmeringen met deuren bij de woningtoegangen in het trappenhuis. De hal en het trappenhuis zijn door en door geleed. Je ziet de lijnen, de verdelingen, de verhoudingen. Maar het is niet alleen een grafische orde. De materialiteit is overweldigend. Het ton sur ton van de verschillende materialen, ‘naturel’ toegepast, brengt de hal en het trappenhuis op sfeer. Een melancholische sfeer misschien, met herinneringen aan de rijke uitrusting van burgerlijke stadshuizen. De klassieke reminiscenties zorgen ervoor dat de datering van de bouwperiode telkens aan je ontglipt. Voor de oorlog? Na de oorlog? Laten we een moment naar achter stappen.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Endry van Velzen https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/238 Boekbespreking 2021-06-30T10:33:01+02:00 Guus J. Borger info@knob.nl <p>Boekbesprekingen van&nbsp;</p> <p>Bert Buizer, Piet Veel en Hans van Weenen (red.),&nbsp;<em>Atlas van het Oer-IJ-gebied</em>&nbsp;</p> <p>Jan Boomgaard, Clé Lesger en Kees Zandvliet (red.), <em>Honderdnegende Jaarboek van het Genootschap Amstelodamum. Oeroud Amsterdam. Een zoektocht naar de vroegste geschiedenis van de stad</em></p> <p>Ranjith M. Jayasena,<em> Graaf- en modderwerk. Een archeologische stadsgeschiedenis van Amsterdam</em></p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Guus J. Borger https://overholland.ac/index.php/overholland/article/view/239 Huis aan de Vest 2021-06-30T12:01:40+02:00 Esther Gramsbergen info@knob.nl <p>De stadspoort is allang verdwenen, maar wie over de Sint Jorisbrug de Dordtse binnenstad binnenkomt zal het niet ontgaan dat je een grens passeert. De brug over de Spuihaven is onopvallend, het is eerder de begroeiing langs het water die dit punt tot een herkenbare cesuur maakt. Aan de linkerkant valt een groep monumentale bomen op, ze staan in de diepe tuinen van de huizen aan de Vest. Een van die huizen, Vest 84, werd onlangs volledig herbouwd. Het project is zowel ontworpen alsook gebouwd door Ber Mooren.<br />Het huis is niet groot. Met een footprint van ongeveer 45 m2 en opgetrokken in twee bouwlagen is het een compact ontworpen woonhuis voor een gezin met één kind. Grootte zegt niet veel over complexiteit. Met inventiviteit worden in het ontwerp zaken samengebracht: de noodzaak de resten van de middeleeuwse stadmuur op het perceel de respecteren, de technische mogelijkheden van het eigenhandig bouwen met hulp van slechts een klein team en de beschikbaarheid van een bescheiden budget. Omdat de Vest onderdeel is van een beschermd stadsgezicht speelt ook nog een ander aspect een rol: de aansluiting van de nieuwe architectuur op het historische karakter van de binnenstad.</p> 2021-06-30T00:00:00+02:00 Copyright (c) 2021 Esther Gramsbergen